Kinderen met alleenstaande ouders en tienermoeders

Een trend die zich sinds het einde van de twintigste eeuw heeft ontwikkeld is dat steeds vaker kinderen in gezinnen wonen die bestaan uit een ouder. Het kan dan gaan om een situatie waarbij het kind dan bij de vader, dan bij de moeder woont, of met een van beiden geen contact heeft. Dit komt omdat een cultuur is ontstaan sinds die tijd waarin het in principe geen taboe meer is om te scheiden of te leven als alleenstaande ouder. Daarom gebeurt dit ook veel vaker en ontstaan er ook vaak gecompliceerde gezinnen met ouders met kinderen van verschillende partners die samen moet leven.

Als we hierbij kijken naar de cijfers, valt op dat sinds 1999 het aantal eenoudergezinnen al aanzienlijk is gestegen. Waar in 1999 nog slechts 11% van de minderjarige kinderen leefden met een ouder, daar was dat in 2014 al 15% en het zou kunnen dat dit percentage in de loop van de tijd nog zal stijgen. Ook worden 8% van de baby’s geboren in een eenoudergezin. Bij 17-jarige kinderen is het zelfs zo, dat 1 op de 5 leeft met een alleenstaande ouder, dat is maar liefst 20%. In 1999 waren dit nog slechts 6% van de baby’s en 19% van de 15-jarige kinderen die met een ouder leefden.

Over het algemeen valt te zeggen dat kinderen die opgroeien met een ouder, meestal dan alleen de moeder, veel breekbaarder zijn dan kinderen die toch contact hebben met beide ouders. Daar komt bij dat, als ze met een ouder leven, de kans op een bestaan in armoede aanzienlijk groter is en de kansen van die kinderen ook vaak minder zijn dan gescheiden ouders die beide hun kind opvoeden. Natuurlijk is het ook mogelijk dat een der beide ouders komt te overlijden, waarna de andere ouder als weduwe door het leven gaat.

In veel gevallen gaat het dan ook zeker om tienermoeders. Dit is in eigenlijk alle gevallen een ongewenst kind waar vaak de vader van het kind de baby niet wil hebben. Bovendien kun je op zo’n jongen leeftijd vaak nog niet weten of je qua relatie voor elkaar bent voorbestemd en dus een kind samen wil grootbrengen. Daarom verlaten veel tienervaders hun zwangere sekspartners, waarbij door seks zonder anticonceptie vaak een kind ongewenst is verwekt. Ook aangezien het opvoeden van een kind, zeker op zo’n jonge leeftijd, een hele verantwoordelijkheid is.

Wel moet hierbij de kanttekening worden geplaatst dat de afgelopen jaren een dalende lijn is te zien wat betreft tienermoeders. Waar dat in 2012 nog 2902 kinderen waren, daar waren dat in 2016 nog slechts 2214, waarbij het aantal ieder jaar iets daalde. Wel is dus te zien dat ook sinds 2012 het aantal eenoudergezinnen is toegenomen. In 2012 leefden in Nederland nog een kleine 663.000 kinderen met een ouder, terwijl in 2016 dit aantal was toegenomen tot bijna 718.000. En dat terwijl er in 2016 4,8 miljoen kinderen minderjarig waren. Moet je nagaan hoe groot het percentage kinderen is dat in eenoudergezinnen woont.

Door de stijging van het aantal eenoudergezinnen is ook te zien dat het aantal kinderen dat in een gezin woont dat in de bijstand leeft ook lichtelijk is gestegen van 2012 tot 2015. In 2012 waren dat nog 199.000 kinderen en in 2015 meer dan 225.000. Er is wel degelijk een verband te zien tussen het ontstaan van meer eenoudergezinnen en het stijgen van het aantal bijstandsgezinnen.